Hyksos - overzicht periode

Moderator: yuti

Hyksos - overzicht periode

Berichtdoor Hatneferet » Di Jun 10, 2008 11:03 pm

Heb dit jaar voor m'n school een profielwerkstuk moeten maken en ik heb hiervoor het vak geschiedenis gekozen met als onderwerp deze periode en dan gekeken naar de (dis)continuiteit. Hierbij zal ik het gedeelte over de Hyksos plaatsen.

Tweede Tussenperiode:
De tweede tussenperiode valt tussen het Middenrijk en het Nieuwe rijk. Deze periode duurde van ongeveer 1795 voor Christus tot 1550 voor Christus. In deze tijd heersten er 5 verschillende dynastieën over het land waarvan er meerderen elkaar in tijd overlapten. Dit komt omdat ze dan over een ander gebied heersten als de andere dynastie.

13e dynastie:
Deze periode was niet zo heel lang namelijk van 1795 v. Chr. tot ongeveer 1650 v. Chr. Toch was deze periode heel onrustig. Dit kwam vooral door de vele verschillende farao’s. In deze periode zijn namelijk rond de 70 á 80 heersers geweest. Toch bleef het bestuursapparaat vrijwel intact. Dit komt waarschijnlijk omdat het bestuursapparaat verder wel goed georganiseerd was en makkelijk overgenomen kon worden. Dit is te achterhalen vanuit bewaard gebleven rekeningboeken. Ondanks de onrust qua heerschappij hadden de heersers toch nog aardige macht. Zo kon Neferhotep I (de schone tevredenheid) nog betrekkingen hebben met de vorst van Byblos (een historische Fenicische stad in het huidige Libanon). Neferhotep I was een van de laatste heersers van de 13e dynastie. Vlak hierna viel Egypte in kleine gebieden uit elkaar. Ook Nubië onttrok zich aan de Egyptische heerschappij terwijl in de Delta steeds meer Aziaten gingen wonen.

14e dynastie:
Veel maar onbelangrijke heersers waarschijnlijk rond dezelfde tijd als de 13e dynastie. Deze heersers waren waarschijnlijk vazallen van de 13e of de 15e dynastie. Deze dynastie had bijna 50 koningen. De dynastie begon bij een lokale leidsman Nehesy (Egyptisch voor de Nubiër). Deze persoon verklaarde zich onafhankelijk en heerste over een klein gebied in de Nijldelta bij Avaris. Hij had zelfs een erfgenaam, een prenomen, een lange regering en verschillende monumenten. De koningslijst van Turijn noemt deze heerser en zijn opvolgers. De 14e dynastie werd ooit als niet bestaand beschouwt maar verschillende bronnen toont toch aan dat deze dynastie wel degelijk bestond maar eigenlijk niets wezenlijks heeft kunnen doen. Deze ‘vorsten’ werden dan uiteindelijk vazallen van andere heersers.

Hk3 h3swt; De Hyksos:
In de loop van enkele eeuwen kwamen er steeds meer Aziaten in Egypte wonen en werken. Het eerste bewijs daarvan stamt uit de 12e dynastie. De Aziaten krijgen steeds hogere posities zowel in het bestuursapparaat als in het leger. En weten zo in de bevolking op te gaan. Dan overmeesteren de Aziaten de lokale heersers die zich in de Delta onafhankelijk hadden verklaard. Vanaf deze tijd worden ze omschreven als hk3 h3swt wat betekent heersers van vreemde landen. De Grieken hebben deze benaming veranderd tot Hyksos. De Hyksos staan ook wel bekend als herders koningen. Dit omdat ze vermoedelijk uit het gebied van Palestina komen waar vooral herders leven. De Hyksos maakten van hun hoofdstad Avaris. Zoals te zien op Figuur 7 ligt dat in het oostelijk deel van de Nijldelta. Avaris lag waar het huidige Tell el-Daba is. Van hieruit regeerden ze en breidden hun gebied uit. Eerst vooral Oost-delta maar daarna steeds meer richting het midden en daarna naar het zuiden van Egypte.

Bronnen geven verschillende manieren waarop de overname van de Hyksos gegaan zou zijn. Vooral vlak nadat Egyptenaren de touwtjes weer in eigen handen hadden vermelden bronnen uit die tijd over een gewelddadige overname en een wreed regime van deze hk3 h3swt. Zo laat Hatshepsut in Speos Artemidos de Hyksos omschrijven als barbaren. En Ahmose I van de 18e dynastie schrijft in zijn Unwetterstela over massadestructie van tempels en monumenten door de Hyksos. Hij laat ook schrijven dat de Hyksos de tempels niet genoeg in stand hielden en het geheel maar aan natuurlijk verval overliet. De nieuwe farao moest dus de tempels herbouwen en bewaren om zo de Hyksos aanwezigheid uit te wissen maar ook zijn wettigheid als de nieuwe farao vast te stellen. Deze soort van omschrijvingen kan vooral gezien worden als pure propaganda. Als de Hyksos te goed omschreven werden of als er werd gezegd dat ze zonder slag of stoot Egypte overnamen dan kon dat worden gezien als zwakte en gezichtsverlies. Er moest dus gezorgd worden voor een sterk negatief beeld om zichzelf beter uit de verf te laten komen. Maar andere bronnen zoals de Grieks sprekende priester Manetho uit de 30e dynastie melden over een geweldloze overname. Er is ook geen archeologisch bewijs van een hevige strijd om het land te behouden. Alhoewel het wel logisch lijkt om je tegen de bezetter te verzetten, dit gebeurde niet. Waarschijnlijk kwam dit omdat het land al zo verdeeld was en niet goed meer georganiseerd waardoor het moeilijker was om de hoofden bij elkaar te steken en samen op te trekken tegen de Hyksos.

Volgens Manetho regeerden in deze periode 6 verschillende vorsten. Deze periode begon met de heerser Salitis. Salitis werd opgevolgd, na een periode van 13 jaar, door Beon (Yakuber) . Beon regeerde voor 44 jaar. Beon werd opgevolgd door Apachnas (Khyan) en na een periode van 36 jaar en 7 maanden werd Apachnas opgevolgd door Apophis (Apepi). Apophis had een regeerperiode van 61 jaar. De opvolger van Apophis is Janins voor 50 jaar en een maand.

De eerste Hyksos vorst was Salitis. Deze heeft Memphis ingenomen en liet Avaris bouwen als een zwaar beveiligde stad. Dit gebeurde ten tijde van de regering van koning Toetimaios. De laatste afstammelingen van de Memphis dynastie trokken zich terug in Thebe. Salitis behield het Egyptische administratie systeem en ambtenaren om steun te krijgen van de bevolking. En de Delta bewoners gingen de Hyksos inderdaad steunen om zo hun eigen toekomst zeker te stellen.

De Hyksos noemden zichzelf ook farao en nam de vijfvoudige titulatuur aan die daarbij hoorde. Vijfvoudige titulatuur bestond uit de horusnaam, de gouden horusnaam, de prenomen, de nomen en de Nebti ofwel de twee heerseressennaam. De laatste duidt op de godinnen die stonden voor Opper- en Nederegypte. Dit zodat de bevolking hun heerschappij nog meer zou steunen. Ze namen namen aan met Semitische- Egyptische achtergrond. Ook deden ze net als al hun voorgangers aan propaganda. Het was gebruikelijk dat farao’s beelden van hun voorgangers overnamen en daarop ook hun naam vermelden. Deze beelden waren bijvoorbeeld beelden voor de ziel van de farao of gewoon getuigenis van de grootheid van de oprichter. Ze namen deze beelden over zodat hun naam ook vaker gezien werd en ook bekender werd. Vooral de Hyksos farao’s Apophis en Khyan maakten gebruik van deze traditie. Dit vooral vanwege hun ambities en toenemende macht. Hoewel het gebruikelijk was om de beelden over te nemen werd het door de bevolking met wantrouwen aangezien. Het lijk er dus meer op dat de Hyksos wel geaccepteerd werden maar niet vertrouwd. Het waren en bleven gewoon buitenlanders in de ogen van de bevolking. Veel beelden werden ook aan het buitenland gegeven als wijze van een diplomatieke gift.

De vorsten die zich hadden terug getrokken naar Thebe leefden daar en heersten daar. Omdat ze zover van Avaris verwijderd waren hadden ze een zekere mate van autonomie. Maar omdat Avaris wel goede betrekkingen had met Kerma (Kush, zuiden van Egypte) zaten ze tussen twee vuren in. Ook was het een verarmd hof. Dit kwam ook omdat de Hyksos de handelsroutes naar het oosten afsloten. Maar daarover meer bij het kopje economie. Uiteindelijk stonden er twee machten tegenover elkaar om Egypte onder 1 leider te verenigen namelijk de Hyksos van de 15e dynastie en de Thebaanse 17e dynastie.

De 17e dynastie regeerde vanuit Thebe en had niet zo veel invloed. De verschillende vorstenhuizen lieten elkaar begaan. Toch voelden de Thebanen zich in hun eer gekrenkt en dit werd nog meer vergroot toen de Hyksos koning Apophis een brief stuurde naar de Thebaanse koning Sekenenre waarin hij klaagde over de nijlpaarden bij Thebe die hem (in Avaris ongeveer 500 kilometer verderop) uit zijn slaap hield door hun gebrul. Sekenenre voelde zich nog meer gekrenkt en nam naar aanleiding van deze brief de wapens op tegen de Hyksos. Sekenenre nam toen pas de wapens op omdat al die tijd Thebe niet sterk genoeg was om de Hyksos aan te kunnen. Maar de brief naar Sekenenre was de spreekwoordige druppel die de emmer deed over lopen.

Senakthenre Taa I was getrouwd met koningin Tetisherit. Deze vrouw overleefde uiteindelijk haar man een hele tijd en maakte de ontzetting van de Hyksos uiteindelijk nog mee. Zodoende werd zij geëerd als de grootmoeder van farao Ahmose. Zij was ook de moeder van Sekenenre Taa II die dan uiteindelijk de wapens tegen de Hyksos opnam. Dit is hem fataal geworden en zijn zoon Kamose nam de strijd over en wist door te dringen tot Avaris. Waarna zijn broer Ahmose het werk afmaakte en de Hyksos verder verdreef. Meer details over deze strijd zal ik bij het militaire gedeelte vertellen.

Economie tijdens Tweede Tussenperiode:
In de tweede tussenperiode werd het noorden van Egypte overgenomen door de Hyksos. Omdat deze groep waarschijnlijk uit de buurt van Palestina kwam was het makkelijk om goede betrekkingen te houden met hun geboortegronden. Kruiken en scarabeeën met namen van Hyksos vorsten zijn dan ook door het gehele Middellandse zeegebied gevonden. Hieruit kan de conclusie getrokken worden dat er heel veel handel was tussen de gebieden van Azië en Egypte. De macht van de Hyksos steunde ook op een keten van handelsvestigingen van immigranten in de oostelijke delta tot in Zuid-Palestina. De Hyksos sloten de handelsroutes naar Azië af voor de Thebanen. Voor de Hyksos was hun stad een heel strategisch punt. Zo had Avaris een grote haven die heel belangrijk was voor handel en expedities.

De Thebaanse dynastie had het wel iets minder rijk. Dit is te zien aan de Koninklijke grafuitrusting van de 17e dynastie deze toont de verarmde toestand van het Thebaanse hof. Normaal gesproken werden Koninklijke kisten gemaakt van cederhout uit Libanon en werd ze rijk versierd met goud uit Nubië maar deze kisten van de 17e dynastie werd gemaakt van plaatselijk goud en bedekt met een dun laagje bladgoud. Deze kisten waren in ieder geval naar een nieuw ontwerp waarbij de koning werd omvat door vleugels van beschermgodinnen.

Tweede Tussenperiode en Militair:
Met de Hyksos kwam er een nieuw soort oorlogvoering in Egypte. Zo werd er door de Hyksos gebruik gemaakt van paard en strijdwagen. De wagen was een lichtgewicht wagen met wielen met vier spaken. Op het wagentje was een soort platform waarop er plaats was voor twee mensen. Namelijk de bestuurder en de boogschutter. De wagens waren ook zo gemaakt dat de bestuurder zijn beide handen vrij kon hebben mocht het nodig zijn dat de menner ook pijlen afschoot. Ook zou er pijlkokers op de wagen aanwezig zijn geweest. Met deze wagens kon men snel de linies van de vijand doorbreken en zo een pad vrij maken voor de infanterie. Deze aanvalsmethode was heel effectief omdat men dat nog nooit had meegemaakt en daarom niet wist wat men er tegen moest doen. Zelfs paarden waren bij de meeste mensen onbekend dus alleen al bij de aanblik van deze dieren die op de soldaten af kwamen stormen moet er paniek zijn uitgebroken en was het voor de vijand nog makkelijker om de tegenstander uit te schakelen. Uit graven voor paarden bij Tell el Daba maar ook bij het fort Buhen in Nubië blijkt dat deze dieren heel belangrijk voor de mensen waren.

Aan de architectuur bij Tell el-Yahudiyeh en het fort van Buhen is te zien dat men rekening hield met een aanval van een strijdwagen divisie. Er werd namelijk gebruik gemaakt van hellingen en muren. Paarden konden hier niet op komen en de plek was veel beter te verdedigen. In de muren waren ook schietgaten zodat degene op de muur nog veel beter was beschermd tegen de aanvallers. Ook konden ze nog beter verdedigen omdat ze via die schietgaten drie richtingen uit kon schieten. Deze muren stamden vooral vanaf het einde van de Hyksos-periode. Dit heeft te maken met de dreiging die de Thebanen (17e dynastie) vormden.

De Hyksos waren een oorlogsvolk. Deze conclusie kan getrokken worden uit de grafgiften die men de doden mee gaf. Deze bestonden vooral uit wapens. Hierdoor is ook meer bekend over de soort wapens die ze hadden. Zo hadden ze een nieuw soort bijlen en niet de ouderwetse knotsen die de Egyptenaren hadden. Deze bijlen konden behoorlijke schade aanrichten. Dit is te zien aan de mummie van de Thebaanse koning Sekenenre Taa II. Aan de gaten in het hoofd is duidelijk te zien dat deze persoon met een bijl is aangevallen en een verschrikkelijk pijnlijke dood is gestorven.

Met de introductie van de Hyksos kwam er ook nog een nieuw soort pijl en boog. Deze konden veel verder schieten en er zat veel meer kracht achter zo’n pijl dan. Het was dan ook makkelijker om schilden te doorboren. Deze boog bestond uit meerdere materialen zoals hout en hoorn en pees of touw. Je had de enkelvoudige boog en de dubbele boog. De Hyksos brachten de enkelvoudige. Deze boog is zo gemaakt dat als de pees gespannen is de boog constant onder spanning staat. De boog moet ook in tegengestelde richting gespannen worden dit zorgt voor nog meer kracht. Omdat als de pees gespannen is er een constante druk op het materiaal komt werd de boog meestal pas vlak voor de strijd gespannen. Zo kon het materiaal nog veel langer mee.

De Hyksos schijnen Egypte overgenomen te hebben zonder dat de Egyptenaren terugvochten. Er is geen archeologisch bewijs voor een hevige strijd. Toch duurde het 20 jaar voordat de Hyksos van Avaris tot Abydos kwamen. Daarna duurde het weer 30 jaar om te proberen controle te krijgen over Thebe. Dit werd een soort touwtrek spel want geen van de partijen leverde overwinningen die goed genoeg waren om het gebied onder controle te houden. De Hyksos wilde daarom bondgenoten hebben. Deze vonden ze in het buurland Kush/ Kerma in het zuiden. Toen de Hyksos zich dan ook in het nauw gedreven voelden door de Thebanen wilden ze proberen hulp te krijgen uit het zuiden. Dan zouden de Thebanen tussen twee vuren inzitten en uiteindelijk het onderspit moeten delven. De boodschapper die deze boodschap echter moest overbrengen werd onderweg onderschept door verkenners van Kamoses leger. Dit zorgde ervoor dat de Hyksos er alleen voor stonden.

Apophis beledigde koning Sekenenre met zijn klaagbrief over het gebrul van de nijlpaarden bij Thebe. Sekenenre nam hierop de wapens op en wilde de Hyksos uit Egypte verdrijven. Hij stierf in de strijd (fig. 14). Dit heb ik ook al gezegd bij de staatkundige situatie maar omdat het ook betrekking heeft op de militaire situatie plaats ik het hier weer. Toen Sekenenre stierf nam zijn zoon Kamose de strijd over. Deze strijd liet hij vastleggen op wat nu bekend staat als de Kamose stele. Hierin wordt de geschiedenis verteld vanuit het oogpunt van Kamose. Hij verteld: één prins is in Avaris en de andere is in Kush, ieder van hun bestuurd zijn gedeelte van het zwarte land. Zij delen het land met mij. Dit toont ook aan dat Egypte verdeeld was en dat de Thebanen de kwetsbare positie in het midden hadden. Ook laat hij nog schrijven: Ik zal met hem strijden, ik zal proberen zijn buik open te scheuren. Mijn wens is om Egypte terug te geven en de Aziaten te verdrijven. Dit wijst op een groot vijandsbeeld van Kamose tegenover de Hyksos. Kamose wist uiteindelijk door te dringen tot Midden Egypte. Apophis voelde zich toen bedreigd en trok zich terug in Avaris. Buiten de muren van Avaris daagde Kamose Apophis uit maar die weigerde te vechten. Kamose trok zich toen terug naar Thebe en riep de overwinning uit ondanks dat hij de Hyksos niet verdreven had. Zo wordt deze tocht van Kamose ook gezien. Hij wist namelijk verschillende vazallen weer aan Thebes zijde te krijgen en ook een deel van de Delta weer in macht te krijgen. Kamose stuurde ook troepen naar het zuiden om te voorkomen dat de Hyksos met de Nubiërs zouden communiceren en hulp vragen. Hij versterkte ook de macht in Beneden Nubië.

Toen Kamose stierf nam zijn broer Ahmose de strijd weer op. De Hyksos koning Apophis was ondertussen ook gestorven en Ahmose moest het nu op nemen tegen Khamudy. Ahmose nam stelling bij de Egyptische grens bij de Sinai zodat de Hyksos ook geen contact meer konden hebben met Canaan. Zo werden ze eigenlijk geïsoleerd en kon Ahmose Avaris belegeren. Uiteindelijk verdreef Ahmose de Hyksos uit Avaris en richting Sharuhen in Palestina. Na drie jaar werden ook de Hyksos daar verslagen en kon Ahmose als overwinnaar terug keren naar Egypte. Over zijn overwinning is in zijn tempel in Abydos geschreven. Helaas is deze zwaar beschadigd.

Cultuur:
Waar kwamen de Hyksos nu eigenlijk vandaan? Dit kan geprobeerd onderzocht te worden door op de culturele aspecten van hun cultuur te letten. De Hyksos komen waarschijnlijk vanuit Palestina. Dit omdat hun materiele cultuur het dichtst bij die van de Middel bronzen tijd II van Syro-Palestina staat. Maar er zijn ook bewijzen van Mesopotamische invloeden. Zo zijn er enkele namen bekend die duiden op een Mesopotaamse afkomst. Een voorbeeld hiervan is de naam van de vrouwelijke slaaf Ishtarummi. Deze naam is duidelijk Mesopotaams maar dit is geen duidelijk bewijs aangezien namen overgenomen kunnen worden en slaven verhandeld kunnen worden. Andere aspecten wijzen ook op Mesopotamische afkomst zoals de compositiebogen, kromzwaarden, wagens en cilinder zegels. Maar dit hoeft ook nog geen direct bewijs te zijn aangezien de materialen die de Hyksos hiervan hadden veel ouderwetser was als wat de Mesopotamiers zelf in die tijd gebruikten. Het is dus hoogst waarschijnlijk dat de Hyksos Canaanieten waren met invloeden vanuit Mesopotamie. De tombes waar de Hyksos in begraven zijn waren ook Canaanitisch van stijl.

De Hyksos waren een oorlogsvolk. Deze conclusie kan worden getrokken worden aan de hand van de grafgiften die de doden meekregen. 80 % van de grafgiften waren van Syro-palestijnse afkomst. Er werden wapens gevonden bij 50 % van de mannelijke graven. Dit geeft aan dat er een grote waarde werd gehecht aan wapens.
Andere bewijzen voor waar de Hyksos vandaan kwamen kan gezocht worden bij beelden en afbeeldingen. Zo zijn er in het graf van Khnumhotep II bij Beni Hasan afbeeldingen gevonden van een handelspartij waarbij een figuur de titel hk3 h3swt draagt. Deze figuur heeft Aziatische kenmerken. Dit is te zien op figuur 15.
Op deze figuur is te zien dat de personen kleding dragen die afkomstig zijn uit Syro-Palestina en de mannen hebben ook de haardracht vanuit deze omgeving. Vooral dat baardje is kenmerkend voor dat gebied.

Aan potten die gevonden zijn kan gezien worden dat de overname door de Hyksos vreedzaam verliep. Tussen de periodes zitten in de potten zo weinig verschil dat het haast wel vreedzaam moet verlopen zijn omdat als er een oorlog of ieder geval een gewelddadige overname was geweest waren de verschillen tussen de potten veel groter. Nu zijn de verschillen miniem. Deze kleine verandering is gewoon te wijten aan een nieuwe heerser.

De Hyksosvorsten Khayan en Apophis hadden grote ambities. Zij gebruikten beelden van oude farao’s voor hun eigen doeleinden. Dit kwam het meest voor in de tempel van Ptah in Memphis. Apophis nam sfinxen van Amenenhat II over en plaatste die in Tanis. Andere dingen liet hij beschrijven met zijn naam maar ook die van zijn vrouw Tani. Khayan nam een ka-beeld uit Bubastis over en nam deze naar Avaris. Dit was een gebruik bij de Egyptische voorgangers. Maar dat ook de vreemde heersers dit deden streek tegen de haren van de oorspronkelijke bevolking in. De gewoonte om beelden van voorgangers te ‘herbruiken’ is verder de hele Egyptische geschiedenis in gebruik gebleven. Deze beelden gaven de vorsten meer aanzien en werden dus gebruikt voor propaganda.

Na de Hyksos:
Toen de Hyksos verdreven waren kwam de Thebaanse 17e dynastie weer aan de macht en werd vanaf dat moment de 18e dynastie genoemd. Omdat al die tijd de Thebanen weinig contact hadden gehad met de Hyksos en hun eigen cultuur in stand kon houden is er uiteindelijk niet veel van de Hyksos cultuur overgenomen. En omdat het gewone volk wel in aanraking was gekomen met de Hyksos maar ook hun eigen cultuur aanhielden verdween de Hyksos cultuur heel gemakkelijk uit het beeld en kwam de oude cultuur weer op. Wel met vernieuwingen maar een cultuur verandert altijd. Een cultuur is dynamisch en kan niet vastgesteld worden op vaste dingen die onveranderlijk zijn.

Pantheon tijdens Hyksos:
Tijdens het Hyksos regime namen de Hyksos hun eigen goden mee. Om toch aansluiting te hebben met de oude goden verhieven ze Seth als oppergod. Seth behoorde al tot het pantheon van Egypte. Een pantheon is het tezamen van alle goden. Seth was de broer van de heerser over het dodenrijk Osiris. Hij had deze vermoord. Seth werd gezien als de god van de woestijn, chaos, onvruchtbaarheid, van stof en kale grond en als een vijand van de mens. Aan de ene kant wisten de Hyksos dus de bevolking achter zich te krijgen door een god die van henzelf was als oppergod te kiezen maar later werd deze god meer en meer gebruikt om te benadrukken hoe slecht de Hyksos wel niet waren. Seth werd min of meer steeds vaker als een soort duivel afgeschilderd. Tijdens de Hyksos periode werd hij wel in zijn gewone gedaante weergegeven. De Hyksos hadden ook Seth Ba’al dit was ook een van hun eigen goden maar dan ook weer vermengd met Seth. Deze werd ook weergegeven met een Aziatische baard. Als Ba’al werd vereerd in deze periode van de geschiedenis in Egypte is het logisch als de goden die bij Ba’al hoorden ook werden vereerd. In Memphis zijn drie voorbeelden gevonden waarbij een goddelijke triade werd afgebeeld. Deze bestond uit Ba’al, Reshef (leek erg op Ba’al) en de godin Qudshu. Qudshu is een godin die naakt afgebeeld wordt, ze wordt afgebeeld met het frontaanzicht terwijl ze lelies of slangen in haar handen houdt ondertussen staat ze op een leeuw. Astarte, de godin van liefde, oorlog en vruchtbaarheid, en Anat, wordt beschreven als de melk koe van Seth, worden gezien als de vrouw of zus van Ba’al. Anat wordt afgebeeld met koeienhoorns. Op sommige scarabeeën wordt aan Anat de benaming vrouwe van de twee bomen gegeven. Dit kan duiden op de gelijke van de Egyptische Hathor. Hathor draagt de naam vrouwe van de Sycamoor en is ook getooid met horens en wordt in dierlijke vorm als een koe weergegeven. Welke goden aanbeden werden kan je ook zien aan de namen van de heersers. Zo had je de Hyksos vorst Aper-Anati, hierin is duidelijk Anat te herkennen. Koning Apophis is vernoemd naar de vijand van de zonnegod Ra, deze was in de vorm van de slang. De Egyptenaren gebruikten ook deze naam om maar weer aan te tonen hoe slecht de Hyksos wel niet waren dat ze de namen aannamen van vijanden van hun hoofdgoden. De koning Sakir-Har is vernoemd naar de Canaanitische berggod Harru. Aangezien een Hyksos vorst naar deze god is vernoemd kan deze god ook opgenomen worden in de Hyksos Pantheon. Maar ondanks de vernoemingen naar Canaanitische goden hebben voorgenoemde vorsten alle drie de vijfvoudige titulatuur aangenomen van Egypte. Dan zou je kunnen denken dat de koningen ook geloofden in de Egyptische goden. Maar er wordt ook gedacht dat deze titulatuur gegeven is door een priester met propaganda doeleinden zodat de Egyptenaren wel het gevoel hadden dat de Hyksos wel in hun goden geloofden. In teksten worden ook de Hyksos vorsten aangegeven in verhalen waarin de Wadjet, Horus, Nekhbet, Thoth en Re afspelen. Maar dit zou ook weer kunnen duiden op propaganda. De Hyksos waren wel een religieus volk. Deze conclusie kan gesteld worden naar aanleiding van vondsten in hun hoofdstad Avaris. Op deze plek zijn 5 tempels gevonden. Dezse tempels waren een mix tussen Egyptische en Canaanitische stijl.Teksten van na de verdrijving van de Hyksos geven aan dat de Hyksos regeerden en Re negeerden, en ze vereerden geen enkele god van het hele land behalve Seth. De gewone bevolking bleef waarschijnlijk de “oude” goden vereren.

Begrafenisgebruiken tijdens Hyksos:
Hoe de begrafenisgebruiken waren tijdens de Hyksos periode kan vooral afgeleid worden van de archeologische bewijzen die bij Avaris/ Tell el Dab’a gevonden zijn. Op deze plaats zijn acht verschillende types tombes gevonden en allemaal hadden ze Canaanistische karakteristieken. Maar 1 sarcofaag in Egyptische stijl is in deze plaats gevonden. Maar in deze sarcofaag was weer een begrafenis met artefacten die Canaanitsich waren namelijk een Syro-Palestijnse bijl en ene bronzen dolk. De Hyksos geloofden wel in het hiernamaals. Dit is te leiden uit de grafgiften die de doden meekregen. Gewoonlijk kregen ze voedsel, potten, wapens en scarabeeën mee. Dit hebben de Egyptenaren ook het enige verschil kan gezien worden in de stijl waarin de objecten gemaakt zijn en de invloeden die terug te vinden zijn. Hoe de graven waren gesitueerd verschilde per tijd en aan de plaats. In de stad was er namelijk weinig ruimte dus moest men het doen met de ruimte die ze hadden. In regel werd de mummie begraven met het lichaam richting de ingang van de tombe. De hoofden van de mummies waren of naar het westen of naar het oosten gericht. Er zijn maar enkele voorbeelden waarbij het gezicht naar boven was gekeerd. Er is geen relatie tussen het geslacht of de leeftijd waardoor de mummie in een andere positie lag. De lichamen waren begraven in een samengetrokken houding. Dit was niet meer in gebruik sinds de eerdere dynasties bij arme begrafenissen. De begrafenis van de mummie met het gezicht naar het westen of het oosten kan wijzen op een geloof in een soort zonnegod en de wedergeboorte. Deze manier van kijken naar de zon was ook in gebruik bij de traditionele Egyptische religie. De tombes waren gericht op het NNW-SSE. Dit werd gebruik vlak voor de overname van de Hyksos dit kan duiden op de steeds groter wordende invloed van de Canaanieten in deze regio. Maar dit kan ook te maken hebben met de ruimte beperkingen die men had door overbevolking. Het meest opvallende Canaanitische gebruik in Tel el Dab’a is toch wel de ezelbegrafenissen. Alleen al in Avaris zijn 17 voorbeelden van deze praktijk gevonden. In Palestina zijn op meerdere locaties andere voorbeelden van ezelbegrafenissen gevonden onder andere bij Jericho. Dit kan ook weer duiden op de afkomst van de Hyksos. De ezels zouden een rol hebben kunnen gespeeld tijdens de begrafenis van de eigenaar van de tombe. De ezels waren in hun geheel gevonden. Dit in tegenstelling tot enkele soortgenoten die in Palestina gevonden waren. Deze misten enkele ledematen, deze zouden misschien gebruikt kunnen zijn voor het feest dat na de begrafenis was. Wat ook de bedoeling was van deze ezelbegrafenissen het duidt ieder geval op welvaart en macht van de eigenaar van het graf. Een ander voorbeeld van een apart begrafenis gebruik is de medebegrafenis van bedienden. De bedienden werden buiten de tombe begraven met hun gezicht richting het graf alsof ze wachten op een bevel van hun heer. Het offeren van de bedienden was in het oude Egypte ook een gebruik geweest maar was tijdens de voor dynastieke periode al gestopt . Als de Hyksos langer hadden geregeerd hadden ze misschien het Egyptische gebruik overgenomen van de houten beeldjes, ushabti’s, Deze beeldjes werden dan aangesproken als de overledene in het hiernamaals zou moeten werken en dan zouden de beeldjes dat werk voor de overledene moeten doen. Een andere plek waar voorbeelden van het medebegravend van bedienden is gevonden is in Kerma/ Nubie. Dit gebeurde tijdens de zelfde periode als dat de Hyksos over Egypte regeerden. In het geval van Kerma is het duidelijk dat de bedienden werden geofferd. Zo stikten de bedienden uiteindelijk nadat ze levend naast het graf waren begraven.
Begraafplaatsen werden dicht bij mortuaria geplaatst. Dit was een Oudegyptisch gebruik maar de plaatsing vlakbij het gebied van het paleis is kenmerkend voor de Canaanieten. Dit kan duiden op een gebruik om makkelijker de voorouders te eren. Als kinderen onder de twee jaar stierven werden ze meestal gewoon onder de vloer van het huis begraven. Meestal werden ze dan in grote vazen geplaatst waarin ze begraven werden. Zo zijn er heel veel voorbeelden van graven vlakbij huizen of onder huizen. Dit was vooral in gebruik tijdens periodes van grote overbevolking. Soms werd er in de architectuur van een huis zelfs al rekening mee gehouden. Dan werd er in een apart vertrek een ingang naar onder het huis gemaakt en onder het huis werd die ruimte dan ingericht als een familiegraf. Bij de ingang naar deze ‘kelders’ kon men dan ook makkelijk offers brengen voor hun voorouders. Dit was namelijk heel belangrijk in de religie.

Tempels uit de periode van de Hyksos:
Er is niet zo heel veel bekend over de tempels in de periode dat de Hyksos regeerden. Het is wel duidelijk dat ze heel religieus waren ook vanwege de vondst van wel 5 tempels in Avaris. Maar het is meer de vraag hoe ze hun geloof uitten. Sommige van deze tempels hebben restanten van azuurblauwe verf en eentje heeft er restanten van figuren die geverfd waren op de muren. Dit duidt ieder geval op dat de Hyksos hun tempels geheel of ieder geval gedeeltelijk versierden. De blauwe kleur kan verschillende betekenissen hebben. Het kan verwijzen naar het water of de lucht, dit wijst dan weer richting hun stormgod Ba’al. Tempels van hun Egyptische voorgangers werden door de Hyksos aan de natuurelementen overgelaten terwijl het normaal was om ook deze te onderhouden en zonodig te restaureren. Dit raakte dus buiten gebruik en dit viel niet in goede aarde bij de Egyptenaren zelf. Dit is ook weer terug te lezen in teksten uit latere periodes. Maar dit kan ook weer propaganda geweest zijn.
Hatneferet
 
Berichten: 11
Geregistreerd: Ma Jun 09, 2008 6:33 pm

Berichtdoor Hatneferet » Di Jun 10, 2008 11:06 pm

en hierbij de bronvermelding. Ik wil er wel bij melden dat dit de bronvermeldign voor m'n algehele profielwerkstuk was dus niet specifiek over dit gedeelte.

Ancient African History: The land of Punt
http://wysinger.homestead.com/punt.html
geraadpleegd op: 25-02-08

Bert’s geschiedenissite
Egypte 13e – 18e dynastie
Laatst bijgewerkt op: 25-01-07
http://www.bertsgeschiedenissite.nl/bronstijd/eeuw17/eeuw17egypte.htmldatum van raadpleging: vanaf 17-01-08

Egypte, tempels goden en mensen, Zuidboekproducties, Lisse, 2004

Egypte, van de prehistorie tot de Romeinen, Taschen, Kerkdriel, 2004

Egypte, goden mythen en religie, Veltman uitgevers, Utrecht, 2001

Egypte, mensen goden farao’s, Taschen, Kerkdriel, 1999

Egypte, het land van de farao’s, Könemann, , 1998

Leiden universiteit
https://openaccess.leidenuniv.nl/dspace/bitstream/1887/4367/45/Chap10.pdf

Schatten van de farao’s, The house of books, Vianen/Antwerpen, 2004

The armed forces
http://nefertiti.iwebland.com/timelines/topics/army.htmgeraadpleegd op: 25-02-08

Theological dictionary word of the day
Hyksos
Artikel is van 01-11-07
http://tdwotd.blogspot.com/2007_10_31_archive.html
Datum van raadpleging: 17-01-08

The Hyksos in the writings of Manetho
http://nefertiti.iwebland.com/manetho_hyksos.htm
datum van raadpleging: 24-02-08

The Hyksos Period in Egypt, Shire Egyptology, Gutenberg Press ltd., Malta, 2005

The Theban Triad: Amen, Mut and Khons
http://www.reshafim.org.il/ad/egypt/religion/amen.htm
datum van raadpleging: 02-03-08
Hatneferet
 
Berichten: 11
Geregistreerd: Ma Jun 09, 2008 6:33 pm

Berichtdoor william » Wo Jun 11, 2008 1:00 am

Hallo Hatneferet, indrukwekkend

als dit je eerste berichtje is wat moeten we dan nog verwachten

eerst nu eens rustig lezen,.........

william :)
william
 
Berichten: 268
Geregistreerd: Wo Okt 17, 2007 4:32 pm
Woonplaats: Lochristi

Berichtdoor Philip Arrhidaeus » Wo Jun 11, 2008 12:51 pm

Uitstekend werk, Hatneferet :welldone:
En bedankt om bronnen te vermelden, altijd welkom.

Hatneferet schreef over de betrekkingen Hyksos – Kerma:
De vorsten die zich hadden terug getrokken naar Thebe leefden daar en heersten daar. Omdat ze zover van Avaris verwijderd waren hadden ze een zekere mate van autonomie. Maar omdat Avaris wel goede betrekkingen had met Kerma (Kush, zuiden van Egypte) zaten ze tussen twee vuren in. Ook was het een verarmd hof. Dit kwam ook omdat de Hyksos de handelsroutes naar het oosten afsloten. Maar daarover meer bij het kopje economie. Uiteindelijk stonden er twee machten tegenover elkaar om Egypte onder 1 leider te verenigen namelijk de Hyksos van de 15e dynastie en de Thebaanse 17e dynastie.

De Hyksos wilde daarom bondgenoten hebben. Deze vonden ze in het buurland Kush/ Kerma in het zuiden. Toen de Hyksos zich dan ook in het nauw gedreven voelden door de Thebanen wilden ze proberen hulp te krijgen uit het zuiden. Dan zouden de Thebanen tussen twee vuren inzitten en uiteindelijk het onderspit moeten delven. De boodschapper die deze boodschap echter moest overbrengen werd onderweg onderschept door verkenners van Kamoses leger. Dit zorgde ervoor dat de Hyksos er alleen voor stonden.


Charlotte Booth heeft het in ‘The Hyksos Period in Egypt’ (2005, Shire) over nog meer mogelijke allianties … op p. 45 schrijft ze dat een albasten vaas met de cartouche van Hyksosvorst Khayan gevonden is in Knossos op Kreta, maar dat kan volgens mijn bescheiden mening ook gewoon een verderzetting geweest zijn van diplomatieke betrekkingen. Ook in Bagdad (Irak, zie elders in de post van Hatneferet over Mesopotamische invloeden en in een andere post over gelijkenissen mensenoffers Hyksos-Kerma) werd een sfinx met de naam van Khayan teruggevonden (British Museum EA 987). Misschien straffer is een andere vaas die teruggevonden is met een cartouche van dezelfde Khayan in Hattusa, de hoofdstad van de Hittieten.
Booth schrijft echter: ‘Niettegenstaande deze [mogelijk] diplomatieke giften van de Hyksoskoning zijn er geen gelijkaardige giften van de vreemde heersers gevonden in Egypte.'

Nu … de banden tussen Hyksos en Kush zullen ook wel zo fantastisch niet geweest zijn, anders zou Kerma misschien wel ingegaan zijn op een alliantie met de mannen van het noorden. De onderschepte brief van de Hyksoskoning Apophis aan Kerma waarover jij het hebt Hatneferet, is gekend door een stèle van farao Kamose, waarin Apophis onder meer zegt: ‘Waarom ben jij heerser geworden zonder me dit te laten weten? Zie je wat Egypte met me heeft gedaan? De koning die in het midden heerst … is bezig me van mijn land te verdrijven.’

Uit het opschrift van een andere stèle blijkt dat Kamose gebruik maakt van Nubische huurlingen, de Medjay, die eerder al wel in het Egyptische leger voorkwamen maar toch nadrukkelijker dacht ik vanaf de tijd van Kamose.
Voor een vertaling van beide stèles:
http://nefertiti.iwebland.com/kamose_inscription.htm
Dus was misschien de organisatie en de politieke eenheid in Nubië niet in die mate dat ze zich konden meten met de Thebaanse heersers.

Wellicht logisch zijn de bewijzen die gevonden zijn voor politieke betrekkingen in Palestina. (zegels uit Geser, Tell Zafit en Jericho, volgens Booth)
Maar misschien minder te verwachten zijn de mogelijke politieke banden met Thebe … Charlotte Booth schrijft op p. 46 dat een prinses Tany genoemd wordt naast Apophis op een geüsurpeerde offerstand uit de 12de dynastie en op een stèle, allebei teruggevonden te Tell el-Dab’a. Tany is volgens haar mogelijk een prinses uit de 17de dynastie.

Nu vind ik wel een ‘Tani’ terug in ‘The complete Royal Families’ van Dodson & Hilton zeker, als zus (!) van Apepi/Apophis: ‘Sister of Apepi; named on door jambs from a shrine at Avaris, now in Vienna and Cairo and on an offering stand from Medamud (Berlin).’

:roll: More research is needed. :D
Gebruikers-avatar
Philip Arrhidaeus
Site Admin
 
Berichten: 6393
Geregistreerd: Do Mrt 23, 2006 3:16 pm
Woonplaats: Vlaanderen

Berichtdoor Heraclius » Wo Jun 11, 2008 8:56 pm

In een inscriptie in een graf van een nomarch wordt vermeld dat de Kushieten het noorden binnenvallen en plunderen. Er was ook een aanwijzing naar contacten tussen de Hyksos en de Kushieten, maar ik weet de details niet meer. Jammer genoeg weet ik de juiste details niet meer.
Heraclius
 
Berichten: 107
Geregistreerd: Wo Jan 17, 2007 10:10 pm

Berichtdoor Anneke » Do Jun 12, 2008 2:12 am

De inval van de Kushieten in de 17e dynasty wordt vermeld in het graf van Sobeknakht in El Kab

EK10 Sobeknakht II, late 17th dynasty; possibly time of Sobekhotep III (Sekhemre-sewadjtaui).
Title: Governor of El-Kab
In the process of cleaning the walls between the tomb's inner and outer chambers excavators came upon an inscription believed to be the first evidence of a huge attack from the south on El-Kab and Egypt by the Kingdom of Kush and its allies from the land of Punt, during the 17th dynasty (1575-1525 BC).
An account is given of Sobeknakht’s role in the crisis: of his strengthening of the defences of El-Kab and his mustering of a force to combat the Nubians. There is then mention of a counter-attack southwards and the destruction of an enemy force, a victory secured, we are told, with the help of the deity of El-Kab, the vulture-goddess Nekhbet, who was ‘powerful of heart against the Nubians, who were burnt by fire’. It ends with an account of a celebration in the presence of the Egyptian king (who is not identified by name) and of his endowing of the temple of Nekhbet with a ‘new sacred barque worked in electrum'.
http://weekly.ahram.org.eg/2003/649/he1.htm
http://www.thebritishmuseum.ac.uk/frien ... /egypt.pdf

Van: Tombes van El Kab
Gebruikers-avatar
Anneke
 
Berichten: 825
Geregistreerd: Za Mrt 25, 2006 3:25 pm
Woonplaats: St. Louis, V.S.

Berichtdoor Anneke » Do Jun 12, 2008 2:14 am

Zag een spatie in de pdf moet dit zijn:
http://www.thebritishmuseum.ac.uk/frien ... /egypt.pdf
Gebruikers-avatar
Anneke
 
Berichten: 825
Geregistreerd: Za Mrt 25, 2006 3:25 pm
Woonplaats: St. Louis, V.S.

Berichtdoor Heraclius » Do Jun 12, 2008 9:22 am

Yep, dat was 'm. Dacht dat er ook een connectie met de Hyksos was, maar dan was ik blijkbaar verkeerd. :)
Heraclius
 
Berichten: 107
Geregistreerd: Wo Jan 17, 2007 10:10 pm

Berichtdoor Heraclius » Do Jun 12, 2008 10:23 am

Ik herinnerde me het net. Ik heb een tijd geleden een lezing bijgewoond van Vivian Davies over deze inscriptie. En er waren inderdaad vermoedens van contacten aangezien er neder-Egyptisch aardewerk was teruggevonden in funeraire contexten in Kerma. Eerst werd gedacht dat aardewerk de Egyptische variant imiteerde of dat ze dat gewoon hadden meegenomen, maar ik dacht dat Davies vertelde dat hij geloofde dat de Koeshieten handel dreven met de Hyksos. (Spijtig dat ik de noties van die lezing niet meer vind.)
Heraclius
 
Berichten: 107
Geregistreerd: Wo Jan 17, 2007 10:10 pm

Berichtdoor Philip Arrhidaeus » Do Jun 12, 2008 12:18 pm

Anneke, de linken die je plaatste, werken niet meer ... ik meld het nadrukkelijk omdat ze ook op jouw website staan.

Heraclius schreef:
Ik heb een tijd geleden een lezing bijgewoond van Vivian Davies over deze inscriptie.
Djedi en Malfliet waren ook aanwezig ... commentaar op deze lezing in:
viewtopic.php?t=352&mforum=prkmthetegyptef

En er waren inderdaad vermoedens van contacten aangezien er neder-Egyptisch aardewerk was teruggevonden in funeraire contexten in Kerma.
Ik dacht dat zelfs Egyptenaren werkzaam waren in de administratie en in bouwerken in Kerma ... heb eens gezocht zonder te vinden ... er lag me ook uit deze periode een Boven-Egyptische huurling in gedachten die na zijn diensten in Nubië naar Edfoe terugkeerde.

Er was ook een aanwijzing naar contacten tussen de Hyksos en de Kushieten
Bijvoorbeeld Hyksos-zegels zegels in Kerma, al of niet ter plaatse gemaakt.

Ik gebruikte hierboven als niet te beste voorbeeld de Madjay voor de (beperkte) politieke instabiliteit in Nubië :oops: , maar wat ik eigenlijk bedoelde was dat Nubische huurlingen geen onbeduidende factor waren in het Boven-Egyptische leger ... zie ook het fort in Deir el-Ballas uit de tijd van Seqenenra Taa, waar een hoop Kerma aardewerk gevonden is.

Hatneferet schreef:
De Thebaanse dynastie had het wel iets minder rijk. Dit is te zien aan de Koninklijke grafuitrusting van de 17e dynastie deze toont de verarmde toestand van het Thebaanse hof. Normaal gesproken werden Koninklijke kisten gemaakt van cederhout uit Libanon en werd ze rijk versierd met goud uit Nubië maar deze kisten van de 17e dynastie werd gemaakt van plaatselijk goud en bedekt met een dun laagje bladgoud. Deze kisten waren in ieder geval naar een nieuw ontwerp waarbij de koning werd omvat door vleugels van beschermgodinnen.
Het zal natuurlijk wel een verschrikkelijke dreiging geweest zijn voor Thebe dat Kerma meer handel begon te drijven met de Hyksos, en ook de goudwinning voor Thebe afsloot ... wanneer ze eenmaal ingesloten waren tussen twee RIJKE buren ... denk je eens in dat beiden in het uiteindelijk verarmde Opper-Egypte massa's Thebaanse huurlingen aantrokken.
Gebruikers-avatar
Philip Arrhidaeus
Site Admin
 
Berichten: 6393
Geregistreerd: Do Mrt 23, 2006 3:16 pm
Woonplaats: Vlaanderen

Berichtdoor Philip Arrhidaeus » Do Jun 12, 2008 2:56 pm

Ik schreef hierboven:
Anneke, de linken die je plaatste, werken niet meer ... ik meld het nadrukkelijk omdat ze ook op jouw website staan.


Ik zag dat Al-Ahram helemaal niet online is momenteel,

de andere link (BM-pdf) werkt niet.
Gebruikers-avatar
Philip Arrhidaeus
Site Admin
 
Berichten: 6393
Geregistreerd: Do Mrt 23, 2006 3:16 pm
Woonplaats: Vlaanderen

Berichtdoor Philip Arrhidaeus » Ma Jun 30, 2008 2:57 pm

Ik schreef hierboven:
Charlotte Booth heeft het in ‘The Hyksos Period in Egypt’ (2005, Shire) over nog meer mogelijke allianties … op p. 45 schrijft ze dat een albasten vaas met de cartouche van Hyksosvorst Khayan gevonden is in Knossos op Kreta, maar dat kan volgens mijn bescheiden mening ook gewoon een verderzetting geweest zijn van diplomatieke betrekkingen.

Omdat ik het museum van Heraklion waarschijnlijk zal bezoeken, heb ik even geïnformeerd, maar ik kreeg dit bericht:

"Dear Mr ...
Concerning your question, whether or not the vase with the name of Farao Khyan is in the (temporary) exhibition of the Archaeological Museum of Heraklion, we would like to inform you that it is not included in the Museum exhibits.
Sincerely yours
Katerina Athanasaki
Archaeologist
Archaeological Museum of Heraklion"

Gewoon ter info.
Ik weet dus niet waar die vaas - of deksel van een kom - zich bevindt.
Gebruikers-avatar
Philip Arrhidaeus
Site Admin
 
Berichten: 6393
Geregistreerd: Do Mrt 23, 2006 3:16 pm
Woonplaats: Vlaanderen

Berichtdoor Philip Arrhidaeus » Wo Jul 09, 2008 4:14 pm

In 'Topographical Bibliography ...' VII vind ik p. 405 in Knossos:

Alabaster lid of Khyan, now in Candia Mus.

Ik dacht dat het Candia Museum hetzelfde was als het 'Archaeological Museum of Heraklion' ?? Weet iemand dit?

Ook in Candia Museum volgens Topographical Bibliography ... ' VII:
'Diorite Statue of User, son of Hit-Hathor, Dyn. XII',
net zoals het deksel van Khyan gevonden in het Paleis van Knossos.
Gebruikers-avatar
Philip Arrhidaeus
Site Admin
 
Berichten: 6393
Geregistreerd: Do Mrt 23, 2006 3:16 pm
Woonplaats: Vlaanderen

Berichtdoor ancheperoere » Wo Jul 16, 2008 8:44 pm

Boeiende zaken rond de Hyksos ... ook de connecties rondom de Middellandse zee ... is het niet zo dat er schilderingen in egypte zijn gevonden uit de hyksostijd die heel erg kretenzisch aandoen???
ancheperoere
 
Berichten: 251
Geregistreerd: Do Jan 11, 2007 3:18 pm

Berichtdoor Djedi » Do Jul 17, 2008 9:36 am

Philip schreef:
Ik dacht dat het Candia Museum hetzelfde was als het 'Archaeological Museum of Heraklion' ?? Weet iemand dit?


Candia Museum (oude benaming) is inderdaad hetzelfde als het 'Archaeological Museum of Heraklion'.
Volgens Topographical Bibliography ... ' VII p. 405 hebben ze ook nog een zegel uit steatiet van koningin Teje in het museum (niet gevonden te Knossos maar in een kamergraf in Hagia Triada). Twee ivoren standbeeldjes toegeschreven aan het Middenrijk worden ook in het museum bewaard (uit Palaikastro).
Volgens wikipedia staan 'Egyptian trade objets' ten toon in zaal 5 van het museum: http://en.wikipedia.org/wiki/Heraklion_ ... cal_Museum
Djedi
 
Berichten: 172
Geregistreerd: Wo Apr 26, 2006 9:21 pm
Woonplaats: Het middelpunt van nergens

Volgende

Terug naar Tweede Tussenperiode

Wie is er online?

Gebruikers in dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 0 gasten

cron